Schijnvrucht
‘Ik denk aan die nacht, lang geleden. Aan dat meisje in het smalle bed op haar zolderkamertje. Het is er donker, door het verduisterde dakraam komt geen licht. Achter de schuifwand klinkt zacht geritsel en gekraak. Verder is het stil. Ze ligt daar zo alleen dat ik haar wil troosten, en ik probeer in haar huid te kruipen. Maar het is mijn eigen huid, mijn eigen lijf, het zijn mijn eigen