Lezersrecensie

Ongebreideld barok proza


Nico van der Sijde Nico van der Sijde
13 jan 2016

Willem Brakman was een enorm productieve schrijver (ruim 50 romans in minder dan 50 jaar), die even fanatiek wordt bejubeld als verguisd. Voor- en tegenstanders roemen zijn taalgebruik, maar in m.n. de latere Brakman-romans is bijna elke lezer de draad na een paar bladzijden helemaal kwijt, wat de (vele) tegenstanders sterkt in hun afkeer en de (weinige, maar fanatieke) voorstanders bevestigt in hun jubel. Persoonlijk had ik echter al tijden lang niet meer gecheckt wat ik er zelf van vond. Maar door alle publiciteit rond de recente heruitgave van zijn verzamelde verhalen werd ik wel weer nieuwsgierig, temeer omdat bijna elke Brakman-roman voor 4.99 te scoren is als e-book. Dus ik besloot eens een van zijn latere romans te proberen, "De gifmenger", typisch zo'n boek dat door een paar mensen (Jan Mulder bijvoorbeeld) erg geroemd wordt maar dat volgens driekwart van de wereld helemaal over the top is. Welnu mensen, ik genoot ENORM. Ik vond dit boek echt een ontdekking, en bovendien een aansporing om nog veel meer van Brakman te gaan lezen. En dat ga ik ook doen, denk ik. Maar tegelijk snap ik ook meteen dat heel veel van jullie dat niet met mij eens zullen zijn: Brakman lezen is vanaf de eerste zin verdwalen in een labyrinth van wanen, dubbelzinnigheden, leugens en raadsels zonder sleutels, en als je daar niet van houdt raak je echt helemaal van de leg. Mijn advies zou dus zijn: lees van Brakman hele ladingen OF juist helemaal niks! In deze korte roman zit je meteen in de waanwereld van ene Schoo, verkoper van onverkoopbaar papier, woonachtig in een huis met oneindig vele kamers waaruit onverklaarbaar gemurmel klinkt en iwaarin zijn dode voorouders soms rondlopen en soms weer niet. Omgewis is steeds in hoeverre wat gebeurt ook echt gebeurt of dat het alleen in het hoofd van Schoo gebeurt. Bovendien, WAT gebeurt er dan? Wellicht is het gedroomde labyrinthische huis van Schoo alleen een beeld van zijn binnenwereld, maar wat ZEGT het over die binnenwereld? En wellicht zijn de intriges die hij meent af te luisteren echt of onecht, maar in beide gevallen zijn de implicaties van die intriges onduidelijk. Het lijkt erop dat Schoo zijn dokter vergiftigt, ene Van Heel, en hij lijkt daar ook motieven voor te hebben, namelijk dat Van Heel samenspant met Schoo's echtgenote en samen met haar een bedreiging vormt voor Schoo's passie voor ongeremd dagdromen. Maar vergiftigt hij Van Heel echt, en zo ja, zijn dit dan inderdaad de motieven? Zo is het hele boek werkelijk doordesemd van dubbelzinnigheden en ongerijmdheden. En van afdwalingen bovendien: een ogenschijnlijk onbenullig detail is voor Schoo juist aanleiding om oneindig te gaan doorfabuleren, waardoor het verhaal vaak niet voortgaat van A naar B maar juist uitwaaiert in de breedte. Waarbij je als lezer ook geregeld op het verkeerde been gezet wordt: in een bijzin van een bijzin van een bijzin treedt een personage op dat een paar pagina's eerder in een terzijde ineens dood was verklaard, of wordt een eerder motief (dat je toch al niet begreep) vrolijk omgekeerd, of blijkt een triviaal detail - een suikerpot, een kopje thee- ineens een object te zijn vol omineuze dreiging..... of nee, toch niet! Of toch wel? En zo gaat dit de hele roman door: Brakman laat zijn lezer bewust verdwalen in de grillige kronkels van Schoo's binnenwereld en buitenwereld, en lezers die daar niet van houden houdt hij daarmee bewust buiten de deur. Volgens mij gaat het hem om het dubbelzinnige PLEZIER van verdwalen: zoals je als kind verdwaalt in avontuurlijke jongensboeken, of in enge sprookjes, of in je eigen neiging tot fantaseren en fabuleren. Iets wat je als volwassene afleert, helaas. Maar ook iets waarin Brakman je dan weer onderdompelt, als je als lezer althans bereid bent de controle op te geven en vrijwillig te verdwalen in Brakmans teugelloze en barokke fantasie. Feitelijk is teugelloze fantasie niet alleen de motor maar ook het onderwerp van deze roman. Schoo is niet voor niets papierverkoper: hij houdt vooral van grillig papier, niet blank maar wel onbeschreven, omdat dit volgens hem zo'n schitterende voedingsbodem is voor ongeremde fantasie die zich aan geen enkele conventie stoort. Feitelijk is Schoo een soort gemankeerde schrijver: geen 'echte' met een herkenbare beroepsidentiteit, maar alleen in zijn fantasie en op en manier die aan onze definities ontsnapt. Vanuit die dubbelzinnige positie heeft hij wel weer meerdere gedachten over wat een schrijver tot schrijver maakt. Ergens zegt of mijmert Schoo: "Schrijven is zonder nut of perspectief, het is een verslaving, een roesachtige dynamiek, het is zinloos maar de ware scribent kan het niet laten. Het is niettemin de luciditeit van de toxicomaan, een schalks delire, dat ook onder broeikasomstandigheden weet heeft van het dreigende dictaat der werkelijkheid; de dubbelzinnigheid van de drang om aan de vreselijke liederlijke eenduidigheid te ontkomen in de overtuiging dat dit onmogelijk is". Ook zegt hij ergens: "Poezie is de wederopstanding van de mens uit de as van zijn conventies". Ik vind dat prachtige passages, vooral dat eerste langere citaat, omdat dit ook zelf zo barok en dubbelzinnig geformuleerd is en daardoor 'toont' wat het 'zegt'. Het is een zin die door zijn grilligheid ZELF probeert te ontkomen aan het 'dictaat der werkelijkheid'. Iets wat het hele boek ook probeert te doen, door de barokke stijl en de barokke inhoud, in het volle besef dat dit streven eigenlijk futiel is want de conventies zijn te sterk en het dictaat der werkelijkheid is te dwingend. Maar toch, voor EVEN is het mogelijk, als je jezelf tenminste voor even verliest in de teugelloosheid van je eigen verbeeldingskracht. Aldus Schoo. Aldus Brakman. Denk ik. Geloof ik. Tja, je moet ervan houden, maar dat doe ik dus. Tot mijn eigen verbazing moet ik zeggen, maar toch. En als je ervan houdt, dan is Brakmans barokke en ongebreidelde wijze van vertellen meteen ook waanzinnig inspirerend. Dat wist ik niet, en ik had er ook geen idee van, maar nu weet ik het wel. Daarom zal ik nog flink wat meer gaan lezen van die geniale gek. En zoals ik al eerder zei: bijna alle romans zijn voor 4.99 te krijgen als e-book. Dus voor degenen die na bovenstaande impressie niet gillend zijn weggerend heb ik een simpele tip: probeer gewoon eens een van zijn boeken, mischien dit boek of anders een van zijn vroegere boeken (b.v. "Het zwart in de mond van Madame Bovary" of "De vadermoorders"). En kijk dan eens wat er gebeurt: word je gek van dit labyrinthische gefabuleer, of hou je er juist van?

Reacties

Populair in hetzelfde genre

Boeken van dezelfde auteur