Lezersrecensie

Niks aan is fantastisch


Ezra de Haan Ezra de Haan
11 jan 2016

<p>Kenners van het oeuvre van Cornelis Bastiaan Vaandrager herkennen de omslag van het laatste boek van Karel ten Haaf meteen. <em>gedichten</em> (1969) zag er net zo uit. Op een zwarte ondergrond tekent zich een wit bord af waarop felgroene sla, vier plakjes rode tomaat en vier kwarten hardgekookt ei liggen. Het verschil zit in de twee eierballen die het centrum van het beeld bepalen. Verder is alles hetzelfde. Kapitalen ontbreken alsof zelfs de schrijver niet belangrijk genoeg is voor het gebruik ervan. Op de achterkant van het boek prijkt een foto van een vrijwel naakte vrouw van middelbare leeftijd. Hoge hakken, een leren jas en een bril verhullen weinig van wat Karel ten Haaf graag ziet. De omslag slaagt erin je even terug in de tijd te zetten. De jaren zestig toen alles anders moest.<br /><br /> In 2012 bezorgde Karel ten Haaf <em>Sleutels &ndash; een straat-collage</em> van C.B. Vaandrager. Het was een verloren gewaand typoscript dat door hem werd teruggevonden, vrijwel in dezelfde stijl als <em>De Hef</em> geschreven. In het werk van Karel ten Haaf komen we veel gedichten en teksten tegen die schatplichtig aan Vaandrager zijn. Zijn bundel <em>meisjespijn</em> (2007), &lsquo;het dikste po&euml;ziedebuut uit de geschiedenis der Nederlandstalige letteren&rsquo;, toont duidelijke verwantschap met de Rotterdamse dichter. Sommige gedichten daarin komen we weer in <em>van de straat</em> tegen. Ze zijn een onderdeel van het statement van Karel ten Haaf dat 224 pagina&rsquo;s beslaat.<br /><br /> Wie de Nederlandse po&euml;zie een beetje volgt, weet dat er tegenwoordig weinig gelachen wordt. Veel is academisch, doorwrocht, filosofisch en zelden experimenteel. We zijn dus weer terug bij het aloude geneuzel van vroeger en de weinigen die zich daarvan losmaken, zijn eerder goede performers of toneelspelers dan dichters. Karel ten Haaf durft bij Vaandrager te blijven. Zijn gedichten doen deels aan die van Vaan, soms ook aan die van C. Buddingh&rsquo; denken. Bewust provocatief is zijn eenvoudige, hyperrealistische po&euml;zie. Net als bij Vaandrager zou je het teksten kunnen noemen, stukjes alledaagse werkelijkheid. En ook Karel ten Haaf is een kind van het gedachtegoed van Marcel Duchamp, de man die de readymade bestaansrecht gaf.<br /><br /> <em>van de straat</em> opent met een cyclus: &lsquo;De week van de de Eierbal&rsquo;, een typisch Groningse specialiteit die aldaar bij menige snackbar verkrijgbaar is. Karel test, als een Johannes van Dam, verschillende dagen achter elkaar eierballen. Daarbij worden de korst, de ragout, de smaak daarvan en natuurlijk het ei geproefd en met elkaar vergeleken en ook de prijs en de temperatuur. Deze informatie wordt zo karig mogelijk opgeschreven. Meteen dringt zich, net als bij de omslag, de gedachte aan Vaandrager op. Die schreef immers over kroketten in zijn cyclus over &lsquo;Madurodam&rsquo;.<br /><br /> De kroketten in het restaurant<br /> zijn aan de kleine kant.<br /><br /> Ten Haaf laat de humor achterwege in zijn ode aan de eierbal. Ik citeer dag 5 van &lsquo;De week van de Eierbal&rsquo;.<br /><br /> <strong>5.</strong><br /><br /> nog altijd 30<br /> a-weg<br /> a-weg<br /> (vanreusel<br /> daar snack je naar)<br /> &euro; 1.75<br /> korst aan de taaie kant<br /> smurrie behoorlijk smakeloos<br /> ei heet<br /> een zeuven<br /><br /> Menig literatuurliefhebber zal zijn neus voor dit gedicht en voor de eierballen ophalen. Te gewoon, te flauw, te alledaags. En daarin schuilt juist de grap. Karel ten Haaf, niet voor niets overtuigd trotskist, wijst ons op het de schoonheid van het alledaagse. Hij gaat voorbij aan de aan ons opgedrongen blauwdruk van de samenleving die reclame heet. En ook aan wat po&euml;zie zou moeten zijn. Dat maakt hij zelf wel uit. Het levert een bonte bundel op. K-1, u weet wel, de vechtsport waarbij vrijwel alles is toegestaan, komen we in een gedicht tegen. En veel, erg veel seks, en eierballen natuurlijk. Daarnaast de milf, verhandelingen over fascisme, de PVV, notulen, boodschappenbriefjes, pornografische foto&rsquo;s, reclamefolders en veel, heel veel grappen.<br /><br /> <em>van de straat</em> gaat echter verder dan dat. Karel ten Haaf laat zien dat taal meerdere kanten kent. Neem die van de politiek. In &lsquo;Witte koorts- een hedendaagse geschiedenis&rsquo; speelt hij met diverse genres, toont hij het gevaar van hedendaags fascisme, schuwt hij erotische passages allerminst en plaatst hij het notenapparaat zo dat het een onlosmakelijk onderdeel van het verhaal gaat vormen. Je zou het als een verwijzing naar <em>Tristam Shandy</em> van Laurence Sterne kunnen lezen. Ook &lsquo;The Final Call&rsquo; laat zien dat hij niet van de straat is. In dit verhaal/gedicht, dus prozie of po&euml;za, eigenlijk maakt het niet meer uit, schrijft hij een ode aan H.N. Werkman. Het is een collage waarin van alles langskomt. Chassidische Legenden, de brieven van Werkman en Martin Buber, <em>Die Legende des Baalschem</em>, een politierapport over de dood van Werkman, een ooggetuigenverslag etc. Karel ten Haaf laat met dit werk zien dat hij wel degelijk meer registers bespelen kan.<br /><br /> Veel gedichten in <em>van de straat</em> zijn een pastiche en/of een ode aan dichters. Vanzelfsprekend krijgt C.B. Vaandrager de grootste portie. In &lsquo;Made in New York&rsquo; reageert Ten Haaf op Vaandragers &lsquo;Made in Rotterdam&rsquo;. Vaandragers kroketten komen ook weer even langs.<br /><br /> de kroketten in hotel new york<br /> eet men met mes en vork<br /><br /> Andere dichters die doorklinken zijn onder anderen Riekus Waskowsky, Jules Deelder, Dani&euml;l Dee, Charles Bukowski. Vaker nog is er aandacht voor de eierbal die Karel ten Haaf keer op keer te berde brengt. Ook Vaandragers gedicht &lsquo;Madurodam&rsquo; moet eraan geloven.<br /><br /> <strong>Madurodam</strong><br /><br /> Niemand in het restaurant<br /> heeft ooit van een eierbal gehoord.<br /><br /> Ten Haaf predikt de eierbal of zijn leven ervan af hangt. En dat heeft zo zijn gevolgen. Ik kreeg waarachtig de behoefte als derde dit jaar, na Dani&euml;l Dee en Karel ten Haaf, mijn literaire bijdrage aan het jaar van de Eierbal toe te voegen. Vrij naar C. Buddingh&rsquo;.<br /><br /> <strong>Zeer vrij naar het Chinees</strong><br /><br /> de zon komt op. De zon gaat onder.<br /> Langzaam telt de oude boer zijn eierballen.<br /><br /> Wat betreft het gewone en het unieke schreef de onlangs overleden Bernlef ware woorden in zijn essaybundel <em>Tegenliggers</em>. In dit boek heeft hij het over de dingen die we ernstig tekortdoen door de onzorgvuldigheid van onze waarneming, door de gemakzucht waarmee wij de wereld te vluchtig en dus te achteloos bekijken. K. Schippers probeert hieraan te ontkomen door &lsquo;de verbazing op peil te houden.&rsquo; Karel ten Haaf doet hetzelfde, vaak door te provoceren. Door po&euml;zie lachwekkend te maken, roept hij meteen de vraag op waarom die lach zo vaak in de literatuur achterwege blijft.<br /><br /> Nog een groter knuppel gooit hij in het hoenderhok met zijn laatste &lsquo;prozie&rsquo; &lsquo;Mijn nieuwe roman&rsquo;. Negentien pagina&rsquo;s lang lezen we bla bla bla , al of niet met kapitaal. Als je de leesbril niet op hebt, denk je zowaar even dat het een leesbaar verhaal is. Of een van de vele, veel te dikke romans die onze Nederlandse literatuur al jaren teisteren. En natuurlijk had Karel ten Haaf het met minder pagina&rsquo;s bla bla bla duidelijk kunnen maken. Maar ook dat gaat voor al die veel te dikke romans van de afgelopen jaren op. Karel ten Haaf probeert het doorgaans kort en strak te houden, laat het wit op de pagina zijn werk doen en kiest voor helderheid. Laat <em>van de straat</em> het begin zijn van dunnere, strakker geredigeerde romans. En van po&euml;zie met wat meer humor. Van Karel ten Haaf verwacht ik na <em>van de straat</em> minstens een Groningse pastiche of variant op<em>De hef</em> of <em>De reus van Rotterdam</em>. En anders het recept van eierballen.</p>

Reacties

Populair in hetzelfde genre

Boeken van dezelfde auteur