Winnen of verliezen
Pas op, zegt een stem in Riks hoofd. Niels is niet te vertrouwen. Rik voelt zich ongemakkelijk. Wat wil Niels van hem? Rik voelt dat hij erg in de problemen zit. Niels schraapt zijn keel. Dan kijkt hij Rik uitdagend aan. Ik wil je een voorstel doen.Het gaat de laatste tijd niet goed met Rik. Rik heeft een geheim waar hij met niemand over kan praten. Hij haalt daardoor slechte cijfers op school