Poen !
Er kwam een scooter de hoek om scheuren; de koplamp kwam recht op hen af. Onder de boom stond hij stil. Kamiels hart stond ook stil:het was Boy. Met ijskoude ogen keek hij Kamiel aan. ‘Volgende week betaal je,’ zei hij, ‘anders sla ik je het ziekenhuis in.’Kamiel weet zéker dat er nog geen krasjeop Boy’s scooter zat nadat hij ermeeonderuit was gegaan op het gras. Maareen paar dagen