Het gezoem van bijna alles
Cato zit op haar bankje, dat vergroeid is met mimosa. Waar wacht ze op? Nergens op. Ze zit er gewoon. Met haar glazen oog dat traant bij zuidwestenwind. Alsof ze huilt. Maar Cato heeft negen jaar geleden voor het laatst gehuild. Toen haar jongetjes werden verpletterd door de glimmende ijskast en haar hart bevroor.Is het de wijn die ze de hele dag drinkt, de abrupte dood van haar buurvrouw die