De wortels van de wereld
Robin blijft staan met zijn zintuigen wijd open. Hij ruikt aarde en de scherpe geur van vocht in de spleten van steen. Met voorzichtige vingers tast hij langs de wanden van de grot. Een onverwacht schijnsel laat hem opkijken. Hij ziet zijn eigen vingers, zwart afgetekend tegen de rood oplichtende rotswand. In zijn hoofd juicht Ree: Ik wist wel dat je het kon! Geschrokken laat Robin de rots