Bijna iedereen kon omvallen
Boven de tafel hing een lamp.
Soms kwam de olifant op bezoek en vroeg of hij even aan die lamp heen en weer mocht slingeren.
De eekhoorn vond dat altijd goed.
Dan slingerde de olifant, flapperend met zijn oren, heen en weer - zó hoog dat hij zelfs tegen het plafond botste en de lamp vervaarlijk kraakte.
Telkens als hij laag over de tafel heen kwam, riep hij: 'Eekhoorn!' en zwaaide hij naar de