Lezersrecensie
De broosheid van het menselijk bestaan (Cormac McCarthy, De weg)
24 jan 2021
De weg is een post-apocalyptische roman waarin een vader en zijn zoon hun weg banen in een doods en door God verlaten landschap in de verbeten hoop in het zuiden verlossing te vinden. Het boek biedt gelegenheid om na te denken bij de wereld die ons bestaan altijd al en zonder het te weten zin en richting geeft. Dit is relevant omdat het lang door post-humanisten en flat ontologists bekritiseerde onderscheid tussen de feitelijkheid van de dingen en de zin of betekenis van die dingen gerehabiliteerd moet worden in het antropoceen.
Het is duidelijk dat de wereld waarin wij vandaag de dag leven is vergaan in De weg: “Dit was het nulpunt. De kou en de stilte. De as van de overleden wereld, op gure tijdelijke winden heen en weer geblazen in de leegte. Weggeblazen, verspreid en weer weggeblazen. Alles was van zijn ankers geslagen. Dreef zonder houvast door de lucht vol as” (11). Het overlijden van de wereld is niet alleen een feitelijke gebeurtenis als gevolg van een milieuramp of catastrofale oorlog die de wereld met puin en as bedekt. Het overlijden van de wereld betreft niet zozeer de dingen zelf maar de zin of betekenis van de dingen die door de catastrofe verschrompeld is. Die wereld is het ankerpunt die de dingen en mensen hun zin en betekenis geeft, en door het verschrompelen van die wereld resteert niets anders dan de feitelijkheid van de dingen: “Hij liep naar buiten het grijze licht in en bleef staan en in een kortstondig ogenblik zag hij de absolute waarheid van de wereld. De koude, niet-aflatende kringloop van een aarde die zonder testament was gestorven. Onverzoenlijke duisternis. De blinde bijzonnen in hun baan. De verpletterende zwarte leegte van het heelal. En ergens twee opgejaagde dieren trillend als de vos in zijn schuilplaats. Geleende tijd in een geleende wereld en geleende ogen om dit alles te bewenen” (82). Daarmee komt een ervaring aan het licht die ook in Paul Austers New York Trilogie aan de orde is, namelijk de ervaring van de bodemloosheid van de wereld. Maar waar Auster het nergens zijn van mens en wereld lyrisch begroet, verwoord McCarthy vooral de pijn van dit hardnekkige feit van het leven op deze puinakker, “hun geboorte in verdriet en as” (37).
Toch is de rol van die vergane wereld ambigu in het verhaal. We kunnen ons die vergane wereld ook na de catastrofe nog herinneren, zoals de vader doet die voor de Apocalyps geboren is. Ook de jongen herinnert zich de vergane wereld hoewel hij na de Apocalyps geboren is, want de dingen dragen in de overleden wereld nog steeds de sporen van die wereld. Het zijn die sporen en herinneringen, het is die vergane wereld die hun tocht naar het Zuiden bijlicht en als moreel kompas dient, en dus in zekere zin helemaal niet is vergaan. De vader zegt weliswaar dat je niet aan die herinnering of sporen van de vergane wereld moet vasthouden. Ze is een sirene geworden die ons afleid van de opgave te overleven in een wereld vol gevaar die ons met de dood bedreigt. Niets heeft nog betekenis als je moet overleven in een ‘wereld’ vol gevaar. Ik spreek hier van wereld tussen aanhalingstekens, want zelfs als ik afscheid neem van de vergane wereld om te overleven, dan moet ik mij ondanks die ondergang van de oude wereld toch beroepen op een nieuwe ‘wereld’ die de feitelijkheid van de dingen betekenis en richting geeft, die de ‘gevaarlijke’ wereld constitueert.
Het is dus niet zo dat de ervaring van de bodemloosheid van de wereld leidt tot de absentie van de wereld en alleen nog de verpletterende zwarte leegte van het heelal of de hardnekkige feitelijkheid van het leven resteert. Veeleer is het zo dat de catastrofe de broosheid van het menselijk bestaan blootlegt die altijd al en zonder het zelf te weten overgeleverd is aan geleende betekenissen van een wereld die op- en ondergaat, die hem in bruikleen gegeven zijn om zijn broze bestemming te vinden. Het menselijk bestaan geeft zichzelf niet op in het verlangen naar wereld, zoals de vader in het verhaal zegt, maar daarin constitueert zich pas zijn of haar broze bestaan. meer blogs over filosofie en literature: https://vincentblok.wordpress.com/)