Lezersrecensie

De poëzie van het onder-gewone


Nico van der Sijde Nico van der Sijde
13 jan 2017

Alleen Georges Perec, een van de meest speelse en originele schrijvers ooit, kan zoiets bedenken: drie dagen lang posteerde hij zich in een café dat uitkijkt op de Place Saint-Sulpice in Parijs, en noteert wat hij waarneemt, zich concentrerend op "dat wat je gewoonlijk niet opmerkt, wat er niet toe doet: wat er gebeurt wanneer er niets gebeurt, behalve tijd, mensen, auto's en wolken". En het verslag van die waarnemingen op dag 1 opent hij dan als volgt: "1/ Datum: 18 oktober 1974/ Tijd: 10.30 / Plaats: Bar- tabac Saint- Sulpice/ Weer: Droge kou. Grijze lucht. Af en toe een/ opklaring." Gortdroog, zo op het eerste gezicht. En naar de smaak van velen vast ook op het tweede en derde gezicht. Maar ik heb dit boekje van 47 bladzijden met veel plezier gelezen, en raakte er op de een of andere manier helemaal ontspannen van. Ten eerste charmeert mij de onderneming op zich: kijken naar datgene wat je normaal gesproken niet opmerkt, en dat noteren zonder literaire of beschouwelijke opsmuk. Maar de stijl charmeert mij zelfs nog meer, hoe droog hij in eerste instantie ook lijkt. Door het vaak achterwege laten van punten en komma's geeft Perec aan deze zinnen iets gejaagds, alsof hij het tempo van de grote stad wil imiteren. Wat naar mijn gevoel tegelijk voor een intrigerend contrast zorgt: dat wat hij ziet is beweeglijk, hijzelf zit stil en kijkt, zodat hij zich aan het tempo van die stad onttrekt. Bovendien hebben die regelafbrekingen een voor mij erg aantrekkelijk vervreemdend en poëtisch effect. In bovenstaand citaat bijvoorbeeld staat het woord "opklaring" daardoor als enige op een regel, zodat dit zo gewone verschijnsel ongewone nadruk krijgt en als een soort poëtisch object wordt geïsoleerd. Bovendien zie je in veel zinnen het voor Perec kenmerkende creatief-ordenende verstand aan het werk, dat naar ongewone patronen, regelmatigheden en verbanden zoekt. Buslijnen worden bijvoorbeeld opgesomd in zinnen vol raadselachtige afbrekingen, en door de stelselmatige herhaling van die buslijnen inclusief hun nummers en bestemmingen in die steeds weer vreemd afbrekende regels merk je dat de kijker Perec naar patronen zoekt. Natuurlijk rapporteert hij ook gewoon elke keer dat hij een bus ziet passeren, maar door de herhaling en bepaalde details in de formulering merk je dat die bussen voor hem ook een soort patroon opleveren in de tijd (ze passeren immers op vaste tijdstippen) en de ruimte (hun ritten volgen een ruimtelijk patroon). En dat patroon is dan weer "infra- ordinaire", ofte wel "onder-gewoon", om een term te lenen uit een ander boek van Perec. Zoals ook het patroon van opvliegende duiven, langslopende mensen, steeds passerende appelgroene 2CV's "onder-gewoon" is: niet het zo beroemde en "buiten-gewone" Parijs van de spectaculaire zonsondergangen en de beroemde attracties, maar een "onder- gewoon" Parijs met een geheel eigen charme, die wij niet kennen omdat het bestaat uit dingen, bewegingen, voorvallen, patronen en ritmes die wij niet zien. En Perec ook niet, normaal gesproken: het lukt hem alleen omdat hij zich de vreemde discipline oplegt drie dagen achter elkaar te gaan zitten in een café op hetzelfde plein, goed te kijken naar wat hij gewoonlijk niet opmerkt, en op te schrijven wat hij ziet. Ik werd dus behoorlijk opgevrolijkt door de poëzie van het onder gewone. Daar werd ik bovendien uitermate rustig en relaxed van, misschien omdat deze ondergewoon poëtische zinnen ook uitnodigen tot een soort concentratie op het nietige en een soort mindfulness. Je helemaal onderdompelen in het ritme van passerende bussen of opvliegende duiven heeft voor mij in elk geval hetzelfde effect als je concentreren op een rozijn, wat een bekende mindfulness-oefening is. Dan staan er ook nog zinnen tussen die raadselachtig ontroerend zijn, zoals: "ik kan de kerk nog nauwelijks zien, maar het café/ (en mezelf, schrijvend) zie ik nu bijna geheel/ weerkaatst in zijn eigen ruiten". De kijkende Perec, die zijn eigen gezicht ziet als spiegeling in het onder-gewone.... daar kan ik lang en relaxed over mijmeren. Zoals ik ook lang kan mijmeren over zinnen als: "Ik drink Vittel terwijl ik gisteren koffie dronk (in/ hoeverre verandert dat het plein?)". Of: "(2 toeristenbussen, de tweede heet 'Walz Rei-/sen'): kunnen dat dezelfde toeristen zijn als/ gisteren? (heeft een man die op een vrijdag/ met een bus door Parijs rijdt, zaterdag zin om/ hetzelfde te doen?)". Ik ga niet roepen dat dit een meesterwerk is, want dat zijn al te grote woorden voor een bescheiden boekje als dit. Maar ik heb prettige uurtjes ermee beleefd en er een heel goed humeur van gekregen. En mijn toch al grote bewondering voor de enorme veelzijdigheid en originaliteit van Perec werd door dit boekje nog weer verder versterkt.

Reacties

Populair in hetzelfde genre

Boeken van dezelfde auteur