Lezersrecensie
Heel erg vreselek veel -e's: respect!
14 jan 2022
In 2008 kwam " 't Manco" uit, Guido van de Wiels heroïsche vertaling van "La disparition", het onvertaalbaar geachte boek waarin Georges Perec de klinker - e weggelaten had. En nu is dan "Les revenentes" vertaald, in "De wedergekeerden": een boek waarin alleen maar - e's voorkomen en geen andere klinkers. Weer een heksentoer van Guido van de Wiel, misschien nog wel een grotere dan " 't Manco". Bovendien heeft Van de Wiel zijn vertaling en allerlei mogelijke betekenislagen van "De wedergekeerden" toegelicht in twee gratis e-books, die kunnen worden gedownload via www.wheelproductions.nl:" Les revenentes en De wedergekeerden beter begrepen" en "De wedergekeerden per regel bekeken". En voor mensen met minder geduld is er nog altijd het informatieve voorwoord in "De wedergekeerden" zelf.
Wat drijft iemand ertoe om een boek te schrijven zonder - e's, en daarna een boek met alleen maar - e's? Waarom legt iemand zichzelf zulke onmogelijke beperkingen op, waarom maakte Perec het zichzelf en zijn vertalers zo moeilijk? Een van de redenen was dat Perec, als lid van de Oulipo- groep, nogal aangestoken was door het procedé van de "contrainte": het zichzelf opleggen van een arbitraire, soms ronduit absurde, vaak nauwelijks hanteerbare, maar wel dwingende en beperkende regel. Door zichzelf dit soort regels op te leggen, en zich dus te dwingen om heel originele en creatieve oplossingen te vinden voor de door die regel veroorzaakte complexe problemen, wilde Perec een bepaalde nooit eerder aangeboorde creativiteit bij zichzelf afdwingen. En bovendien los komen van de stereotypen in zijn eigen hoofd. Tegelijk is de "contrainte" naar mijn gevoel verbonden met het aanstekelijke speelplezier dat ook puzzelaars of cryptogrammenmakers kenmerkt, of makers en oplossers van schaakproblemen. Perec, en Oulipo- genoten als Queneau of Calvino, behoren in elk geval tot de meest speelse schrijvers die ik ken, en zeker ook - misschien dankzij het werken met "contraintes"- tot de meest creatieve.
Het is echter niet alleen maar spel en vrolijkheid bij Perec. Het verdwijnen ( de "disparition") van de - e in "La disparition" verwijst bijvoorbeeld naar een manco in Perecs leven: de "disparition" van zijn Joodse, in de holocaust vervolgde moeder. En ook als je dat niet weet voel je als lezer dat de verdwenen - e symbool staat voor een schrijnend, maar nergens benoemd en ook onarticuleerbaar gemis. Juist dat maakt "La disparition" ook heel ontroerend: je bewondert de virtuositeit ervan, je wordt verbluft door de ontdekking dat iemand een vrij dik boek zonder - e kan schrijven dat toch zo soepel leest, maar daarnaast raak je ook onder de indruk van dat omcirkelde en ongrijpbare gemis.
"Les revenentes" is dan weer de complementaire tweelingbroer van "La disparition": hierin keert de letter - e immers op enorme wijze terug, ten koste van de andere klinkers. Die teruggekeerde - e, zo laat Van de Wiel overtuigend zien, staat dan symbool voor de terugkeer van de vader (père) en moeder (mère): Perecs meest geliefde e- woorden. Ook is het een feestelijke terugkeer van Perecs eigen ik: "Georges Perec" zit immers vol - e's, zodat hun wederkeer ook de wederkeer is van Perecs naam. Dus de - e's zijn wedergekeerd, en daardoor zijn ook vader, moeder en Georges Perec er weer. En ook als je die betekenislaag als lezer niet kent of niet ziet, dan nog merk je wel de enorme spelvreugde op, de exuberantie, de "wedergekeerde" levensdrift. Waar in "La disparition" inderdaad een verdwijning - een gemis, een manco- voelbaar gemaakt wordt, door alle speelsheid heen, staat in "Les revenentes" vooral het burleske exces voorop.
Sterker nog, vaak is het verhaal bijna Rabelaisiaans carnavalesk. Want de volkomen dolzinnige plot draait om een kolderieke juwelendiefstal en - vooral- een ellenlange beschrijving van orgiastische en bizarre sex. En vooral in die seksscènes ontspoort niet alleen het liefdesspel, tot genot van velen, maar ook het taalspel. Wat door het gebruik van al die e- woorden (en het inslikken van andere klinkers) soms regelrecht hilarisch is. Al was het maar door woorden als "ejaQleerde" (in plaats van "ejaculeerde") of "sexpeck" (in plaats van "sixpack"). Of door passages als: "Hélènes pens bleek met heel veel semen besmeerd: deze smeerbende met een meter Kleenex wegdeppen bleek zelfs geen ene meter te helpen!" En dat allerlei soms stokoude geestelijken extreem actief aan deze orgie meedoen, en daar - mede gerevitaliseerd door wurgsex- ook behoorlijk van in extase raken, maakt deze orgiastische passages nog orgiastischer en burlesker.
Ja, soms is het melig, soms plat, soms gezocht. Maar soms is het ook heel aanstekelijk en vermakelijk. Naar mijn smaak, tenminste. Zie bijvoorbeeld de volgende passage, vol excessieve seksuele gulzigheid waarin iedereen met iedereen versmelt: "De efeben vergezelden de klerken en de meebewegende klerken leken zelf de zevende hemel te beleven. De frères Benedek, Edme de Bénévent, Stephen Brewster, de ferm bedeelde, Lew, Peter, Jeff, Ernest, Kenneth, René, Herbert, Celse en Bebel zegen neer, werden een verstrengelde, bezeten ensemble en verlekkerd grepen ze edele delen, bereden ze elkeens reet en beseften geeneens welk herendeel ze streelden wegens de geheel vermengende vleesberg". Door al die - e's klinkt deze alinea bovendien als een klok. En ook niet verkeerd vind ik de alinea die hier meteen op volgt: "Kenneth keerde Bebel met het Letselteken, ketste hem ’n z’n reet en bereed hem, Herbert leek net een keffertje en bleek bezeg Peters testekels te bewerken met z’n speeksel, terwel Dédé Benedek hem behendeg penetreerde en Celse evenwel speeksel-lepelend één werd met Stephen Brewster, welke zech ferm tegen etter Ernest preste en z’n vleeszwengel heen en weer bleef trekken".
Toegegeven, ik vind diverse andere boeken van Perec, zoals "Het leven een gebruiksaanwijzing" en "W of de jeugdherinnering", duidelijk imponerender en rijker dan "De wedergekeerden". Ook "La disparition" vond ik denk ik mooier. Maar tegelijk bewonder ik de bevrijdende kracht van dit boek. Zeker nu ik, door Van de Wiels toelichtingen, weet dat Perec worstelde met een writers block en met depressies vanwege het lot van zijn ouders. En dat hij zich daarvan, in elk geval voor even, wist te bevrijden door zichzelf een beperking op te leggen. Want ja, Perec werkte in "De wedergekeerden" met een niet geringe "contrainte": hij verplichtte zich alleen de - e te gebruiken, en andere klinkers niet. Maar vervolgens gingen echt alle remmen los, precies omdat die "contrainte" hem tot creatieve oplossingen dwong. Juist dat vind ik zo intrigerend en inspirerend. Geen idee of Guido van de Wiel het Franse origineel evenaart, maar het kan mij niet schelen: "De wedergekeerden" spat van het taal- en vertaalplezier, en dankzij deze vertaling kon ik veel proeven van de bevrijdende kracht van "La disparition".