Lezersrecensie
Ga op reis naar vreemde volken en ontdek je eigen organisatiecultuur
16 jan 2016
“Wil je als leider of consultant effectief zijn in het geven van je advies of het verbeteren van de organisatie, dan is gehoord worden minstens zo belangrijk als de inhoud… Maak verandering magisch, aantrekkelijk en bijzonder.”
Aantrekkelijk is het boek “De Corporate Tribe “zeker: vierkant formaat, harde kaft, prachtige lay-out,glanzend papier met schitterende foto’s. Een eyecatcher op je salontafel en uitnodiging tot wegdromen naar exotische oorden met kleurrijk beschilderde tribes.
Wakker worden nu, het is een management boek, geen reisbrochure.
De auteurs, Daniëlle Braun en Jitske Kramer, zijn corporate antropoloog en de stichters van de “Academie voor organisatie cultuur”. Ze hebben beiden een interessant traject doorlopen van studie van de klassieke antropologie, reizen, werkervaring met diverse bevolkingsgroepen. Nu geven ze lezingen en masterclasses over reorganisatie. Dit boek is geschreven als synthese van deze praktijk: ze leren hoe de corporate antropologie inzicht kan bieden in de cultuur van een organisatie en zo een betere kijk geeft op hoe veranderingen tot stand komen en hoe voorzichtig bij te sturen.
Het boek ‘gaat op reis naar verre volkeren’ en kijkt als een antropoloog naar cultuurveranderingen om deze kennis dan toe te passen op Nederlandse organisaties (of westerse).In drie duidelijke delen met telkens voorbeelden uit andere culturen worden we stapsgewijs ingewijd of geleid naar hun eigen totemmodel.
In deel 1 leren we wat het begrip‘cultuur’ inhoudt: “Het zijn de onbewuste spelregels die een groep sturen” en bekijken we hoe een antropoloog observeert en rapporteert. We leren het wezenlijke onderscheid tussen ‘emic’ (wat binnen in de groep gebeurt)en ‘etic’ (observatie van buitenuit).
Deel 2 behandelt de verschillende aspecten van ‘relaties’: binnen de eigen groep, met leiders en klanten, ( er wordt gewaarschuwd voor framing), het belang van een goede fysieke omgeving en maken attent op het verschil van tijdsbeleving en ritme.
Deel 3 beschrijft hun eigenlijke werkmodel met de totempaal als beeld, zeer toepasselijk en origineel.
Hun totemmodel gaat over 5 soorten cultuurveranderingen en de bijpassende interventies, vb. het model ‘cultuurcreatie’ handelt over het begin, een start-up van de organisatie. De totem is een kale boomstam, hij gaat nog vorm moeten nemen. Een verhaal gaat over de Papoea’s, over het innig samenleven met hun voorouders. Zo is de oprichter van de organisatie, ook de drager van de cultuurcreatie, zijn stempel (logo, visie, missie,..) en oprichtingsverhaal zal doorwerken in de geschiedenis van het bedrijf.
In een laatste hoofdstuk vinden we een zeer bruikbaar tabel-model terug.
Zoals gezegd is het boek prachtig gelay-out en op het eerste gezicht ook helder van structuur: korte hoofdstukjes, kaders, samenvattingen, met daartussen sprekende foto’s.
Toch is het niet makkelijk leesbaar: de ietwat plechtige taal en vele opsommingen in een zin maken het lastig geconcentreerd te blijven lezen. De vele herhalingen van de woorden: cultuur, verandering, transformatie zijn bijna tranceverwekkend.
Het blijft een model en een visie op managementreorganisatie. De insteek die de auteurs hier maken is origineel, hun uitwerking is indrukwekkend. Of dit totemmodel de tand des tijds zal weerstaan, zal toch vooral afhangen van verstandig lezen en slim interpreteren. Het is beslist geen doe-het-zelf boek, een reorganisatie wordt best zorgvuldig gepland en begeleid door een professional.
Maar voer voor discussie en reflectie biedt het zeker.
En, het blijft een mooi boek.