Lezersrecensie

Jan Wolkers - De Doodshoofdvlinder


Jelto Duuk Jelto Duuk
2 jan 2021

Leesjaar, 2 april 2021 Jan Wolkers – De Doodshoofdvlinder De Bezige Bij (Amsterdam), 2009 Mijn trein ging trager dan mijn vader stierf. Ik heb mijn vader niet zien sterven. Ik heb hem na zijn overlijden ook niet meer gezien. Ik wilde hem in mijn herinnering levend houden en dat beeld niet vertroebelen met zijn ontzielde lichaam. In De Doodshoofdvlinder van Jan Wolkers is de hoofdpersoon ook te laat. Hij krijgt op weg naar zijn stervende vader een ongeluk, waarbij een jonge vrouw op hem inrijdt. Zij beland met een ingedeukte neus in het ziekenhuis. Dagelijks bezoekt hij het opgebaarde lichaam. De familie komt er bijeen, de taak om de lunch te verzorgen wordt netjes verdeeld, er wordt gesteggeld over de tekst van de rouwadvertentie en er worden stiekem sigaretten gerookt bij het lijk. Vader rookte immers ook als een ketter. Met zijn zus, die al jong naar de Verenigde Staten vertrok en daar met haar Hammondorgel de muzikale omlijsting verzorgd in nachtclubs, bezoekt hij de Wallen in Amsterdam. Zij zal ook dienstdoen als organist tijdens de uitvaartdienst. Er komen tal van herinneringen voorbij aan vader, maar ook aan de jonggestorven broer. Hij bezoekt dagelijks het ziekenhuis, waar het meisje dat het ongeluk veroorzaakte ligt, en komt steeds meer over haar leven te weten, onder andere door in haar huis in de spullen te neuzen en een naaktfoto mee te pikken. Ondertussen liggen de kippen, bedoeld voor een barbecue met zijn leerlingen, langzaam te ontbinden in de koelkast. Wolkers beschrijft het allemaal in een soms kale, soms poëtische stijl. Het poëtische element komt vooral naar voren als het over de planten en bloemen in de tuin van de hoofdpersoon of die van diens ouderlijk huis gaat. De twee belangrijke momenten in het boek, het overlijden van de vader en het ongeluk, komen direct uit het leven van Wolkers. Bij het overlijden van zijn vader heeft hij alles nauwkeurig genoteerd, omdat hij wist dat hij er over zou schrijven. Hij had er, aldus zijn biograaf Onno Blom, zelfs een bandrecorder bij, om alle details rondom de dood te registreren. Het ongeluk overkwam hem ook, alleen was zijn vrouw, Karina, die in de auto naast hem zat daar het slachtoffer met de ingedeukte neus. Het gesnuffel in het huis van het meisje van het ongeluk en het meenemen van een naaktfoto komt ook uit de eigen ervaring van de schrijver. Het adagium schrijf over wat je kent, gaat voor Wolkers dus op in dit boek. Hij past de gebeurtenissen uit zijn eigen leven in zijn fictie, waardoor het een soort verhulde autobiografie is. Terecht of onterecht ongelezen? Van Wolkers heb ik vroeger alleen Turks Fruit en Terug naar Oegstgeest gelezen. Na het lezen van Het Litteken van de Dood, de biografie door Onno Blom, heb ik nog een aantal andere boeken van hem aangeschaft, waaronder De Doodshoofdvlinder. Het is een prettig leesbaar boek, dat als tussendoortje kan gelden. Met een paar uurtjes lezen is het uit. De verhaallijnen zijn helder, de bekende thema’s van Wolkers komen voorbij. Je krijgt wat dat betreft wat je verwacht. Dat is ook direct mijn kritiek, het verhaal blijft wel erg aan de oppervlakte, het gaat nergens echt de diepte in. Over de dood van een vader zou je ook een doorwrochte roman kunnen schrijven, waarin je afdaalt tot in de diepste kelders van de ziel van de hoofdpersoon. Aan de andere kant zit niet iedereen daarop te wachten en is een boek dat de eerste trede van de keldertrap afdaalt soms al ruim voldoende. De lucht die Wolkers in de Doodshoofdvlinder laat is aangenaam, de humor werkt relativerend en niet iedere schrijver hoeft zijn vader literair een trap na te geven, of in judo pak met een heupzwaai het graf in te kieperen en er overheen te pissen. Ik heb het boek met plezier gelezen en zal het op een regenachtige zondagmiddag nog wel eens uit de kast trekken, zoals ik ook met de andere boeken van Wolkers doe. Mooiste zin Het was voorgoed zevenendertig graden te laat.

Reacties

Populair in hetzelfde genre

Boeken van dezelfde auteur