Lezersrecensie

Ik ken niemand die zoveel verstand heeft van het Midden-Oosten als Kaplan


JanWillemDuijzer JanWillemDuijzer
21 jan 2025

Een biografie van Robert D. Kaplan (1952) zou ik blind kopen. Wat drijft iemand om van zijn 20e tot zijn 70e zeer uiteenlopende landen en volken te bezoeken en om van al die reizen nauwgezet verslag te doen? Te blijven doen? Ik zou het graag willen weten. In 2011 schreef Kaplan “Moesson”, over de opkomst van China en India als nieuwe wereldmachten. Hij voorspelde in 2016 - na persoonlijk onderzoek in de staten van de Mid-West - de opkomst van het Trumpisme. Hij schreef over de Balkan, over de bijzondere positie van Roemenië en over Italië. En natuurlijk: hij schreef veelvuldig over het Midden-Oosten, waar hij zijn ‘reis’ in 1973 startte in Afghanistan, en waar hij vaak en soms langdurig terugkeerde. Begin 2023 publiceerde hij “Het weefgetouw van de tijd”, over wat hij noemt “het grotere Midden-Oosten”, een gebied van Turkije tot West China en in zuidelijke richting tot en met Ethiopië. Ik heb het boek de afgelopen maanden gelezen met in mijn hoofd de pijnlijke kennis van wat er de afgelopen twee jaar in het Midden-Oosten is gebeurd. Wie weet komt Kaplan nog terug op zijn analyses, maar toen ik het las besefte ik dat het boek in veel opzichten zijn magnum opus is. Het resultaat van vijf decennia reizen, kijken, luisteren en lezen. Het resultaat ook van diepgaande persoonlijke reflectie. Kenmerkend voor Kaplan is het enorme belang dat hij hecht aan geschiedenis en geografie. Zijn ‘analyse’ van Koerdistan begint hij in 401 v.C toen Griekse huurlingen in het Taurusgebergte kennismaakten met bendes “Karduchoi” (de latere Koerden). Wat hem boeit is de zogenaamde “longue durée”, de lange lijn in de geschiedenis van landen en volken. Het boek is daarnaast een voortdurende waarschuwing voor de verschrikkingen van anarchie. Anarchie die Kaplan zelf meemaakte in het Irak na de Amerikaanse inval en afzetting van Saddam Hoessein in 2003. Meer of minder verlichte despoten - Kaplan rangschikt daaronder ook dictatoriale heersers als Assad senior, Khomeini, Sisi en Mohammed Bin Salman - prefereert hij verre boven de rechteloosheid van de anarchie die in Syrië en Irak lange tijd aan de orde was en nog bepaald niet voorbij is. Ook bij zijn analyse van het imperialisme hanteert hij lange lijnen. Kaplan: “De voornaamste reden voor het geweld in het Midden-Oosten gedurende de afgelopen jaren en decennia - de kortstondige rimpelingen waaraan de media aandacht besteden - is dat de regio voor het eerst in de moderne geschiedenis in een post-imperialistische fase verkeert. Er zijn geen wereldrijken meer om de orde te handhaven. Het Assyrische, Romeinse, Perzische , Byzantijnse, Ottomaanse, Britse, Sovjet- en Amerikaanse Rijk zijn uit de regio verdwenen. Dat is de onderliggende ‘longue durée’ in de geest van Braudel, hoe schokkend dat ook is voor postmoderne gevoeligheden. Maar het is een situatie waarmee we eenvoudigweg moeten leren omgaan.” (pagina 35). Is er hoop op betere tijden? Kaplan blijft optimistisch, al heeft hij zijn dromen over een democratische toekomst van het Midden-Oosten in de ijskast gezet. Eerst maar eens streven naar werkende staten, desnoods politiestaten en een wat langduriger vrede, wellicht zelfs tussen sjiieten en soennieten en tussen Iran en Israël. Wat heb je nodig om dit boek te lezen? Voor alles: nieuwsgierigheid. Kaplan graaft diep, maar de beloning voor de lezer is inzicht en perspectief. Voor iedereen, wat voor achtergrond je ook hebt.

Reacties

Populair in hetzelfde genre

Boeken van dezelfde auteur