Lezersrecensie

'Het leven kriebelt alle kanten op'


Jan Stoel Jan Stoel
4 jan 2018

<blockquote>waarom wordt er nog vaak geloofd <br />in verstand versus gevoel, <br />en erger, in hart versus hoofd? <br />Wees toch biologisch, ik bedoel <br />emoties komen toch ook uit het brein? <br />Het hart is gewoon een pomp, en mijn <br />hart bestaat al ruim negentig jaren<br /> uit twee wilde maar makke <br />roze stuipende naaktslakken <br />die aldoor met elkaar paren&nbsp;<br /><br />(Uit: 'Dat hart bijvoorbeeld')</blockquote> <p>Het is <strong>Leo Vroman</strong> (1915-2014) ten voeten uit. In het Joodse gezin (slechts &eacute;&eacute;n keer in deze bundel gaat het over het joods zijn) waar hij uit stamt werd gesproken over wetenschap, kunst en literatuur. Hij hield als kind al van de natuur en werd later bioloog/hematoloog (bloedonderzoeker). In de wetenschap leeft zijn naam voort in het Vroman-effect:&nbsp;de herkenning en opsporing van bepaalde bloedstollingsverschijnselen die hij ontdekte. In de literatuur vond hij onder meer erkenning door de toekenning van de P.C. Hooftprijs voor po&euml;zie in 1964. Bovendien was hij een begaafd tekenaar, schilder.<br /><br />Zijn po&euml;zie beweegt zich steeds op het snijvlak tussen taal en wetenschap, waarbij alle aspecten van het leven aan de orde komen. In <em>En toch is alles wat we doen natuur</em> zijn gedichten bijeengebracht &nbsp;daterend van 1946 tot en met 2014 en voorzien van een inleiding van <strong>Mirjam van Hengel</strong>. De ondertitel van de bundel zegt precies waar de gedichten over gaan: het leven in en rondom ons. Met al zijn schoonheid, verwondering en met vaak een koppeling aan de wetenschap. Zo cre&euml;ert Vroman een nieuwe werkelijkheid, een nieuwe verwondering: <br /><br /></p> <blockquote>Wij fabriceerden struikelend naar gemak<br /> voornamelijk onbedoelde grappen:<br /> snorrekommen peper nagellak <br />antiek gemaakte nieuwe lampekappen <br />zitbad pijpenrek gek hoge hak <br /><br /> en toch is alles wat we doen natuur <br />het hopeloos verdwalen in de mode <br />het elektrisch flitsend kunsthoutvuur<br /> het gek begraven van gewone doden <br /><br />(Uit: Wieltjes en wieltjes)</blockquote> <p><br /> De po&euml;zie van Leon Vroman is onmiskenbaar autobiografisch, persoonlijk, maar transformeert naar het universele. De dichter heeft het over alle aspecten van het leven: geboorte, verliefd zijn, ziek zijn sterven en doet dat niet alleen idyllisch, maar ook rauw. Een mooi voorbeeld daarvan is het gedicht over de spijsvertering, bij Vroman &lsquo;de Spijsvertedering&rsquo; geheten. Als iemand een stukje kip eet:<br /><br /></p> <blockquote>Meteen beginnen <br />in die hete weke mondgrot <br />de speekselklieren <br />wat een kabaal daarbinnen! <br />Hier snijdt het kwijl <br />lange suikers kapot</blockquote> <p><br /> Naast de verwondering over het leven, ontroering, de aandacht voor het kleine, op het eerste gezicht onbetekenende, schrijft hij ook over de vrees dat de wereld het verliest van de kwade krachten, zoals angst, de oorlog: <br /><br /></p> <blockquote>Kom vanavond met verhalen <br />hoe de oorlog is verdwenen, <br />en herhaal ze honderd malen:<br /> alle malen zal ik wenen. <br /><br />(Uit: Vrede)</blockquote> <p><br /> In de bundel is een grote hoeveelheid po&euml;zie uit de bundel &lsquo;Psalmen&rsquo; opgenomen. Op po&euml;tische wijze reflecteert Vroman hier op levensvragen, lijkt hij wel in gesprek te gaan met Bijbelteksten. Hij stelt die vragen aan iets of iemand die hij &lsquo;Systeem&rsquo; noemt, God? Steeds is er die verbreding van de eigen persoon naar de gemeenschap. Uit de gedichten lees je dat het niet God is die de wereld heeft geschapen, maar dat het de mens is die een beeld van God heeft geschapen:<br /><br /></p> <blockquote>Systeem, ik noem U dus geen God,<br /> geen Heer of ander Woord <br />waarvan men gave en gebod <br />en wraak wacht en tot wiens genot <br />men volkeren vermoordt. <br /><br />(Uit: Psalm I)</blockquote> <p><br /> Vromans zinnen lopen als vanzelf, alsof hij ademt, hij gebruikt veel eindrijm. Achter die ogenschijnlijk simpele zinnen zit een hele wereld verborgen. Hij schrijft met een enorm gevoel voor taal en aandacht voor het detail. Er valt zoveel te genieten, van de fabels met moraal die hij schrijft, van de bijna cartooneske tekeningen bij de korte gedichten en de humor, van neologismen als verfronzen, zenuwknollen, tralieten, pappelkus, gedachtengurpt, kurpsluiting. De vitaliteit straalt ervan af. Het leven kriebelt alle kanten op.<br /><br /> Die uitbundigheid verstilt naar het eind van de bundel als een keuze uit zijn laatste gedichten passeert en hij voelt dat de laatste fase van zijn leven is ingegaan: <br /><br /></p> <blockquote>mijn eeuwigheid begroeten, <br />want o ik zal terugkeren <br />op mijn verdwenen voeten, <br />eeuwenlang telkens weer en <br />als een hernieuwde maandag <br />maar met oude gedichten <br />de nacht verlichten <br />en ondergaan. <br /><br />(Uit: Donderdag 7 november 2013)</blockquote>

Reacties

Populair in hetzelfde genre

Boeken van dezelfde auteur