Lezersrecensie

Spannende literaire thriller met een knipoog naar Agatha Christie


Jan Stoel Jan Stoel
17 jan 2024

De spannende romans van Dominique Biebau (1977) hebben een sterk literair karakter. Dat was al zo in zijn debuutthriller Russisch voor beginners, waarin de taal een essentieel onderdeel vormt van het thrillerverhaal. Met deze roman won hij de Hercule Poirotprijs (2019) en de Gouden Strop (2020). In Het mollenfeest was het literaire aspect nog duidelijker. De titel verwijst naar Van der Mollenfeeste. In dit epische gedicht van de uit Brugge afkomstige Anthonis de Roovere (1430-1482) nodigt de dood de mensen van alle standen uit om naar het Mollenfeest te gaan: voor de dood is iedereen gelijk. Ook in zijn derde misdaadroman kiest Biebau voor een originele invalshoek: het werk van Agatha Christie (1890-1976), the Queen of Crime. Achterin het boek schrijft Biebau dat hij verknocht is aan de Accoladereeks, de serie waarin het werk van Christie verscheen. Hij ontleent er in zijn roman citaten en flapteksten aan. Terug na vier jaar afwezigheid Het verhaal speelt zich – net als in Van der Mollenfeeste af in Mollendaal, in de buurt van Bierbeek, een plaatst die grenst aan Leuven. De Tumulus, het Romeinse grafheuveltje, speelt in dit verhaal ook een rol. Het zijn plekken die Biebau goed kent. In Mollendaal kent iedereen elkaar. Politieagent Isabelle komt er na vier jaar afwezigheid terug. “Mollendaal voelde als een jurk die ze al jaren niet meer had gedragen, maar die in haar kreuken het verleden in zich droeg.” Mollendaal wordt neergezet als “een stilstaande poel die wel wat stroming kon gebruiken.” Het hoofdpersonage is Judith Monnaerts, de bibliothecaris van het dorp, die het als haar opdracht ziet de Mollenaars weer aan het lezen te krijgen. De bibliotheek is voor haar de plek waar ze de realiteit kan ontvluchten. Ze heeft een aantal littekens in het leven opgelopen: een moeder die depressief was en een deel van het jaar in Spanje verblijft en een niertransplantatie op haar zevende verjaardag. De zaak Style De nieuwe bibliotheekassistent Geoffrey Muyselmans is een storende factor voor Judith omdat hij alles verzet. “Hoe kon een mens fatsoenlijk nadenken als alles voortdurend van plaats veranderde.” Dan wordt er in de inleverbox een boek van Agatha Christies bezorgd, De zaak Styles (het eerste boek met Hercule Poirot in de hoofdrol), met daarin een briefje met de tekst ‘Hoe het allemaal begint’. Een week later wordt De spiegel barstte, deel 100 uit de Accoladereeks, bezorgd. Het wordt weer vergezeld van een briefje nu met de tekst ‘Hoe lever ik dit in.’ Vergiftigde hond In totaal worden zo zeven boeken bezorgd. De Mollendaalse leesclub Met Thrillende Vingers (waarin overigens meer geroddeld dan gelezen wordt) en later ook Isabelle denken met Judith mee. Ondertussen gebeuren er vreemde dingen in Mollendaal, steevast twee dagen nadat een boek is bezorgd: een hond wordt vergiftigd, de bestuurster van een elektrische auto wordt bijna geëlektrocuteerd, een pizzeria ontploft, er wordt een giftige boomslang bezorgd in een pakketje en er valt een dode door een aanval van Aaziatische hoornaars. De boeken van Christie en de briefjes verwijzen naar wat er zich afspeelt. Wat is de rol van Geoffrey? Zijn ringtone wordt op een verdachte plek gehoord. Er wordt ook een grijze schaduw opgemerkt. Het wordt spannender en de situatie rondom Judith zelf wordt dreigender. En wanneer het raadsel opgelost lijkt te zijn, is er ineens die onverwachte ‘twist’ in het verhaal. Dan blijkt hoe nauwgezet Biebau al puzzelend te werk is gegaan, hoe ieder detail een functie in het verhaal heeft. Boekenkrant Bij je lurven Biebau leidt je middels korte hoofdstukken door het verhaal. Ieder hoofdstuk draagt de naam van het personage dat je door een deel van het verhaal leidt. Ze krijgen zo hun eigen stem. Biebau is een meester in het karakteristiek neerzetten van iemand in een paar zinnen. Bijvoorbeeld Isabelle: “Licht overgewicht en haar dat in jaren geen conditioner had gezien, met een rugzak die eerder bij een scholier paste.” Opvallend zijn de cursieve tussenstukjes met als titel ‘Document ter staving.’ Die gaan over de gedachten en het motief van de dader. Neuskeutel tussen de bladzijden Biebau hanteert een soepele, plastische stijl. Zo is er een heerlijke passage waarin Judith probeert de kinderen die naar de bieb komen op te voeden: “Geen neuskeutels tussen de bladzijden kleven, geen ezelsoren maken en de dvd’s niet als spiegeltje gebruiken.” Regelmatig tovert Biebaus taalgebruik een glimlach rond de lippen. Hij houdt de spanning goed vast, de ontwikkeling van het verhaal blijft verrassen. En Christie? De boeken van Christie zijn meestal whodunits. Dat geldt ook voor De Christiemoorden. De personages bevinden zich bij beide auteurs voornamelijk in de midden- en bovenklasse van de maatschappij. Regelmatig tref je in De Christiemoorden een samenvatting aan: allerlei clous waardoor je zelf aan het analyseren kunt gaan. Zo ook bij Christie. Dat geldt ook voor de psychologische suspense, kleine aanwijzingen, het verhogen van de spanning door de dialogen. Maar het is wel een echte Biebau: eigentijds met kritiek op onder meer de ontlezing, op iemand die op de sociale dienst werkt (“een job die zelfs de dalai lama tot zinloos geweld zou drijven”). De auteur knipoogt met deze spannende roman naar Agatha Christie, maar De Christiemoorden is weer een echte Biebau: een verhaal met een literaire onderstroom. Recensie werd eerder gepubliceerd op Bazarow

Reacties

Populair in hetzelfde genre

Boeken van dezelfde auteur