Lezersrecensie

Geweigerd 'debuut' Perec heeft zijn thematiek al


7 jan 2014

Het hielp niet. Georges Perec had drie jaar geschreven aan een boek dat hij De condottiere noemde, hij was toen begin twintig. Het was niet de eerste versie die hij had geschreven. In hoofdletters tikte hij er op het laatste vel, na de laatste punt, een boodschap voor de redacteur onder: Je moet me wel heel veel betalen, wil ik het nog een keer opnieuw schrijven.<br /> <br /> Zou hij voorvoeld hebben dat de redacteur het nog altijd niet goed genoeg vond? Feit is in ieder geval dat De condottiere niet zou verschijnen. De uitgever weigerde het, bij gebrek aan kwaliteit.<br /> In de jaren daarna zou George Perec in korte tijd uitgroeien tot de meest creatieve en baanbrekende schrijver van Europa. Een enorme hoeveelheid boeken, tijdschriftartikelen, scenario’s verscheen. De condottiere verdween, niemand wist van het bestaan.<br /> <br /> Toen David Bellos begin jaren negentig zijn (fenomenale) biografie van Perec zou schrijven, kreeg hij het enig bekende exemplaar, een doorslag. Later gingen kopieën bij Perec-fanaten van hand tot hand. In 2012 verscheen het alsnog, het is nu vertaald.<br /> <br /> Niemand zal het tot de hoofdwerken van Perec rekenen, maar De condottiere heeft, zoals wel vaker bij eerste werken, veel te bieden. Het is niet een oerboek, zoals we dat kennen van schrijvers als Hella Haasse, Jeroen Brouwers en Mensje van Keulen. Wel verwijst De condottiere naar het hoofdwerk van Georges Perec, de grote roman Het leven een gebruiksaanwijzing (1978, vertaling 1995). Deze roman geldt als een van de grootste Europese romans van de vorige eeuw. Het is van een dermate grote ideeënrijkdom dat toen de vertaling verscheen de Nederlandse recensenten unaniem lyrisch waren (en het kozen als boek van het jaar), maar iedere recensie ging over een ander aspect van het boek. De roman speelt zich af in een groot huis in Parijs. Perec verweeft de levens van de bewoners tot een ongekende rijk tapijt aan verhalen.<br /> <br /> In De condottiere is voor het eerst sprake van Gaspard Winckler. Zijn naam duikt ook op in Het leven een gebruiksaanwijzing. In dit vroege werk is hij schilderijenvervalser. Hij heeft zojuist een opdrachtgever vermoord. Maandenlang had hij in opdracht gewerkt aan De condottiere, een schilderij van Antonella Da Messina dat in Parijs hangt. Winckler wil het niet kopiëren, hij wil hetzelfde schilderij maken. Hij doet alles goed. De pigmenten, de kwasten, het hout uit hetzelfde jaar. Alles. Maar de opdrachtgever vindt dat er geen leven in zit. Waarop Winckler hem de keel doorsnijdt. Hij moet een tunnel graven om uit zijn atelier te kunnen ontsnappen. In het tweede deel krijgen we het verhaal nog eens te horen, wanneer hij met een vriend in gesprek raakt. Waarbij deze hem steeds nader het vuur aan de schenen legt.<br /> <br /> Thema’s uit de latere werken van Perec zijn hier in rudimentaire vorm al aanwezig. Zijn fascinatie voor wat echt is en onecht, de verhouding tussen kunst en de werkelijkheid en ook hier al liet Perec zien dat hij zich niets aan genre-indelingen gelegen liet liggen. Het is een essay, een roman, een thriller.<br /> Het boek is ook slordig en hijgerig. Alsof er te veel tegelijk uit moest. Zodat je snapt dat de uitgever er toen niet aan wilde, maar zoals je ook snapt wat er nu zo interessant aan is. Dat heeft ook te maken met de manier waarop Perec grotendeels zelf, maar met hem collega’s als Raymond Queneau en Italo Calvino, uitbreiding heeft gegeven aan het domein dat de schrijver bestrijkt. In 1960 was de literatuur kennelijk nog niet zo ver.

Reacties

Populair in hetzelfde genre

Boeken van dezelfde auteur