Lezersrecensie
Isoleren, annexeren
10 jan 2016
<p>Sinds 2012 maak ik de lezer attent op de comeback van de Rotterdamse schrijver/dichter Cornelis Bastiaan Vaandrager. Zo besprak ik de herdruk van <em>Leve Joop Massaker</em>, Karel ten Haafs <em>van de straat</em> en het door hem bezorgde <em>Sleutels : een straatcollage</em>. <em>Gehavende stad</em> van Erik Brus en Fred de Vries is een onmisbaar boek voor de Vaandragerliefhebber en ook voor al diegenen die Rotterdam een warm hart toedragen.<br /><br /> <em>Gehavende stad</em> is een heerlijk boek waarin de muziek en de literatuur van Rotterdam van 1960 tot nu in kaart worden gebracht. Dat Vaandrager de rode draad in dit kloeke boek vormt, is logisch. Vóór Vaan was er slechts Otten, na hem alleen maar navolgers. Desondanks hebben de samenstellers van dit boek oog gehad voor de vele culturen en subculturen die Rotterdam rijk was. Het gaat van jazzvogels tot gabbers, van Rondos tot Spasmodique. Tussen al die stadse herrie is er ruimte voor literatuur. Stoere taal. Zeg maar het werkvoetbal onder de letteren. <em>Gehavende stad</em> is een boek om in één keer uit te lezen. En dan nog een keer. En nog eens.<br /><br /> <em>Gehavende stad</em> bestaat uit vijf hoofdstukken. Ieder hoofdstuk beslaat een periode. Vijf keer komen we Vaandrager tegen. Zeg maar de opkomst en ondergang van. Naarmate hij ouder wordt, is zijn bijdrage aan het grote geheel kleiner. Eenmaal overleden, komt pas de echte roem. Alleen al voor die biografie van Vaandrager zou je dit boek moeten kopen. Maar er is meer, veel meer te vinden in deze ‘Fundgrube’ van de Rotterdamse cultuur. Zo is er aandacht voor <em>Gard Sivik</em> en <em>De Nieuwe Stijl</em>, voor Hans Sleutelaar, Hans Verhagen en Armando. Riekus Waskowsky en de Cold Turkey Press komen aan bod. De eigenzinnige Loesberg wordt niet vergeten. Frans Vogel komt ter sprake. A. Moonen passeert de revue, net als Jules Deelder en vele anderen. Zoveel vogels van vreemde pluimage dat je je gaat afvragen wat de grote gemene deler is. Dynamiek wellicht. Radicaal zou ook kunnen. Vernieuwend zeker…<br /><br /> Vaandrager bleef, wat er ook rondom hem veranderde, de taal uitdagen. Hij gaat daarbij tot op het bot. Zelfs voorbij het begrijpelijke. Het is dan ook geen verrassing dat William S. Burroughs een voorbeeld voor hem was. Ook Burroughs had een fascinatie voor drugs, geweld en de manipulatie van teksten. Beide schrijvers gebruikten taal van anderen: readymades of cut-ups. Interessant is dat ze nu tot de cultschrijvers behoren… dezelfde auteurs die ooit verketterd werden, of voor het gerecht werden gesleept.<br /><br /> Waar het bij Vaandrager en ‘De bende van Vier’ in beginne om ging, was het isoleren en annexeren. De schrijver was slechts degene die informatie aan de lezer doorgaf. Het ging om authenticiteit, om een koel zakelijk oog. Die kijk op de wereld en Rotterdam in het bijzonder heeft vele vernieuwende romans en prachtige poëzie opgeleverd. Dat nuchtere verbindt vrijwel alle schrijvers, kunstenaars en muzikanten in dit boek. Al heeft dat nuchtere weinig met afschuw van drugs of alcohol te maken. Meestal praten we over grootgebruikers. Maar dat merk je niet aan hun werk. En ook daar heb je weer de link met Burroughs die ook alles gebruikte wat god verboden had en desondanks baanbrekende boeken bleef schrijven.<br /><br /> Grenzeloos en mateloos, misschien roept een grote havenstad het wel op. <em>Gehavende stad</em> laat zien hoe keer op keer een nieuwe jeugdcultuur ontstaat. Vaak is het een het gevolg van de ander. Roepen de hippies een punkbeweging op. Vaandrager had niets met de bloemenbeweging, des te meer met hen die No future predikten. Ook hij hield van het banale, het lelijke en zag er de schoonheid van in. Alles wat hij zag, bracht ideeën op gang, die later grensverleggend bleken. Vaandrager was daarin zeker niet de enige. Velen in Rotterdam zagen meer in het kale en tot de essentie uitgeklede. Neem een punkband als de Rondos… Want net als bij de literatuur zocht ook de muzikale Rotterdammer steevast de grens op. Of het nu om de jazz, de beat of de soul, om de punk, de house, gabber of hiphop ging, ze zochten steeds de grens op en doken over de rand.<br /><br /> <em>Gehavende stad</em> is bij verschijning al een uniek standaardwerk. Met veel liefde voor Rotterdam en zijn cultuur hebben Erik Brus en Fred de Vries uitgebreid alles vastgelegd wat niet verloren mag gaan. Interviews, portretten en beeldmateriaal maken dit boek tot een leeservaring die je niet snel vergeet. Herkenning en nostalgie zijn het directe gevolg van <em>Gehavende stad</em>. Als Amsterdammer denk je slechts: wanneer wordt dit boek over mijn stad geschreven?</p>