Lezersrecensie

Door te vertellen èn te verzwijgen: de drijfveren van de schrijver


Eus Wijnhoven Eus Wijnhoven
4 jan 2020

Na het redigeren van Amos Oz’ roman ‘Judas’, ontdekten de schrijver en zijn redacteur dat zij nog niet waren uitgepraat. Vele lange sessies volgden, waarvan ‘Wat is een appel?’ het resultaat is: zes gesprekken over schrijven en over de liefde, schuld en andere gevoelens. Op zijn twaalfde pleegde de moeder van Amos Klausner zelfmoord. Daarna besloot de jongen, die nauwelijks een band met zijn vader had, te vertrekken naar kibboets Choelda. Hij was toen veertien jaar en nam een nieuwe achternaam aan: Oz, dat zoveel betekent als ‘kracht’ of ‘moed.’ Zijn uitstraling kwam allesbehalve overeen met die naam, hij was een kleine, witte jongeling, slecht in sport, onaantrekkelijk voor de meisjes. Tot zijn zevenenveertigste is hij in Choelda blijven wonen, de kibboets waar hij schreef in een kleine werkkamer of nachtenlang op het toilet. In dat kleinste kamertje zat hij op het wc-deksel, waarbij een kunstboek van Van Gogh als onderlegger van zijn schriftjes diende. Oz heeft zeer uitgesproken meningen over schrijven. Zo gelooft hij dat slechts verhalen in de verleden tijd kwalitatief goed kunnen zijn, zelfs in romans die zich in het jaar 3000 afspelen. Van zijn eigen werk kan hij nauwelijks genieten. “Het frustreert me omdat ik zie dat ik het tegenwoordig beter zou kunnen, of het frustreert me omdat ik het gevoel heb nooit meer zo goed te kunnen schrijven.” ‘Dezelfde zee’ is zijn enige boek dat deze emotie niet bij hem oproept. Oz noemt autorijden als metafoor voor schrijven: in het begin van je carrière heb je zowel een voet op het gaspedaal als op de rem. Na verloop van tijd neem je gas terug, terwijl de druk die je op de rem uitoefent toeneemt. Schrijven wordt dus niet makkelijker met de jaren, maar moeilijker. “In elk boek zitten ten minste drie boeken: het boek dat jij hebt gelezen, het boek dat ik heb geschreven, dat noodzakelijkerwijs anders is dan het boek dat jij hebt gelezen, maar er is nog een derde boek: dat is het boek dat ik had geschreven, als ik genoeg kracht had gehad. Genoeg vleugels. Dat boek, het derde, is het beste van de drie.” Oz heeft een moeilijke relatie gehad tot seksualiteit. De meisjes keken niet naar hem om, zij lieten hun oog vallen op gespierde bruine tractorbestuurders in de kibboets. Zijn erotische opvoeding begon met boeken. ‘Madame Bovary’, ‘Anna Karenina’, Jane Austen, Virginia Woolf, Emily Brönte. Als belangrijkste eigenschap van de mens, van een goed Schrijver, van erotiek noemt Oz: nieuwsgierigheid. Een schrijver moet zijn beperkingen kennen: “Ik ben niet in staat te schrijven over een man die wijzer is dan ik, noch over een personage dat over meer humor beschikt dan ik. Met geen mogelijkheid. Kwaadaardiger? Absoluut. Hongeriger, Meer verzadigd? Emotioneler? Geiler? Ouder? Jonger dan ik? Dat wel/ Dat heb ik meermalen gedaan.” Zijn kritiek op literatuuronderwijs brengt hij scherp onder woorden: “Een docent literatuur aan de middelbare school moet geen onderzoekers opleiden … een docent literatuur moet lezers verleiden.” Zijn eigen docent, meneer Michaëli, analyseerde niet, muggenziftte niet over ‘wat wilde de verteller zeggen.’ Het interesseerde hem niet als de halve klas zat te klieren. Onverstoorbaar las hij de luisteraars voor, hij vertelde simpelweg verhalen. ‘Wat is een appel?’ is geen biografie. Meer nog dan uit een biografie komen de sterkste drijfveren van de schrijver uit dit boek naar voren, door wat hij vertelt en door wat hij niet vertelt. Verzwijgen zegt ook iets over de man achter het verhaal. Dit verslag van vele gesprekken tussen auteur en redacteur is een aanrader voor de liefhebbers van het werk van Oz, Grossman en Shalev.

Reacties

Populair in hetzelfde genre

Boeken van dezelfde auteur