Lezersrecensie

De theaterversie van twee legendarische personages


ClemRob ClemRob
15 jan 2022

De eerste helft is een vrij goeie vertaling van Schillers theaterstuk Die Jungfrau von Orléans, de tweede een schitterende vertaling van Wilhelm Tell. Joan of Arc is een iets te rechttoe rechtaan verhaal van Jeanne d'Arc die eerst nog een schuchter dorpsmeisje is dat gretig een helm bemachtigt, en een hoofdstuk verder al de Engelsen verslagen heeft aan het hoofd van de Franse troepen. Ze wordt een paar overwinningen later verliefd op een Engelse edelman, trekt zich in schaamte terug, wordt door haar eigen vader beschuldigd van goddeloosheid en door iedereen uitgespuwd, wat de Engelsen weer de overhand geeft , en uiteindelijk door de Engelsen gevangen genomen. Helemaal op het einde ontsnapt ze op de laatste seconde en weet een verloren veldslag weer te doen keren. Het verhaal slaat kortom absoluut nergens op. Maar het personage Jeanne is wel fascinerend. Ze blijkt meedogenloos op het slagveld, principieel in de hoogste graad, fanatiek in haar zelfhaat omdat ze een Engelsman bemint. Er zitten ook best wel sterke scènes tussen. En straffe zinnen: “Do not invoke my sex! / Do not call me a woman! I have no sex. Like spirits / bodiless, not subjected to the world’s ways of loving, / I have no sex, nor does this armour hide a heart.” (Nicht mein Geschlecht beschwöre! Nenne mich nicht Weib. / Gleichwie die körperlosen Geister, die nicht frein / Auf irdsche Weise, schließ ich mich an kein Geschlecht / Der Menschen an, und dieser Panzer deckt kein Herz.) En in Act III:2: “With idiocy the gods themselves contend / in vain” (Mit der Dummheit kämpfen Götter selbst vergebens.) Het verhaal van Willem Tell is veel straffer, hoewel ook daar het einde bijzonder abrupt is, zij het niet ongeloofwaardig. Tell zelf komt in de meeste scènes niet eens voor. Dit is het verhaal van een groot aantal vrije mannen uit een aantal Zwitserse bergkantons die de onderdrukking door de Oostenrijkse landheren (die zelf gehoorzamen aan de Duitse keizer) niet meer pikken. Het is een afwisseling van “actie”scènes (al wordt de actie grotendeels beschreven, niet getoond) en lange, verhitte discussies over vrijheid, recht en ethische keuzes. Die keuzes gaan over wat je mag doen wanneer je vecht tegen onrecht. Mag je schuldigen vermoorden? Mag je de wraak van die schuldigen afroepen over je onschuldige geliefden, voor de goeie zaak? Moet je je individuele gewetensnood opzij kunnen zetten voor die goeie zaak? Tijdens een geheime meeting van vertegenwoordigers uit drie kantons, ergens hoog in de bergen, proberen de samenzweerders zelfs hun vergadering te organiseren volgens aloud Zwitsers recht, zodat ze toch maar zo legitiem als mogelijk zijn. Ook de natuur van bergen en meren speelt een belangrijke rol: stormen voorspellen onheil en brengen gevaar, meren houden medestanders van mekaar, bergen symboliseren het aloude Zwitserland – en op de bergtoppen zullen de signaalvuren verschijnen wanneer de opstand begint. Het stuk bevat talloze schitterend geschreven passages, te lang om weer te geven. Eén voorbeeld. Dit zegt de oude adellijke heer Attinghausen over zijn aflopend leven en zijn zwakke gestel waardoor hij de bergen niet meer in kan: “And so it is, through ever-narrower rooms / I move, and slowly, to the narrowest / and last of all, where life itself stands still: / Now just my shadow, soon only my name.” (Und so in enger stets und engerm Kreis, / Beweg ich mich dem engesten und letzten, / Wo alles Leben stillsteht, langsam zu, / Mein Schatte bin ich nur, bald nur mein Name.)

Reacties

Populair in hetzelfde genre

Boeken van dezelfde auteur