Lezersrecensie
Lastige ongemakkelijk mooie modernistische roman
12 jan 2022
De Amerikaanse schrijfster, journaliste, dichteres Djuna Barnes (1892- 1982) is in Nederland en Vlaanderen zo goed als onbekend gebleven. Het enige werk van haar dat enige bekendheid heeft is de roman “Nachtwoud” uit 1936. De vertaling van Gerardine Franken werd in 1963 gepubliceerd en kende een aantal herdrukken, de laatste (voor zover ik weet) in 1994. “Nachtwoud” is een van de eerste (Engelstalige) romans waarin lesbische liefde expliciet wordt beschreven. Dit is een van de redenen waarom “Nachtwoud” in de Amerikaanse literatuur als een ‘minor-classic’ wordt beschouwd. De andere redenen zijn dat het een van de betere Amerikaanse modernistische romans is en het is ook een sleutelroman over de periode van de ‘lost generation’ in het Parijs van de jaren twintig in de vorige eeuw.
Voordat Barnes rond 1920 (bronnen zijn niet eenduidig over exact welk jaar) vertrok naar Parijs om van daaruit als correspondent voor een Amerikaans (glossy) damestijdschrift aan de slag te gaan, had zij al naam gemaakt in de Verenigde Staten als vrouwelijke reporter die schreef over de ‘mannelijke’ wereld van sport (boksen) en andere typisch mannelijke onderwerpen vanuit een vrouwelijk perspectief. Haar literair werk, dat ze tot 1920 had gepubliceerd bestond uit een dichtbundel en een handvol korte verhalen waar de recensenten niet echt van onder de indruk waren. De verhuizing naar Parijs betekende voor Barnes, net als voor tijdgenoten van haar, een bevrijding van de puriteinse Amerikaanse moraal uit die jaren. Al vrij snel na aankomst in Parijs kreeg Barnes een relatie met de Amerikaanse kunstenares Thelma Wood. Wanneer deze relatie op de klippen loopt in 1928 is Barnes daardoor emotioneel zwaar aangedaan. Ze verwerkt de relatie en de breuk van de relatie in de jaren daarna onder andere door het schrijven van “Nachtwoud” dat in 1936 wordt gepubliceerd.
“Nachtwoud” is geen gemakkelijke roman; de symbolische gelaagdheid, de modernistische schrijfstijl en het ongemakkelijk hanteren van raciale en culturele vooroordelen dwingen de lezer om regelmatig pas op de plaats te nemen, te overdenken wat je net hebt gelezen en om nog eens te herlezen. Dit begint al in het eerste hoofdstuk waarin Guido Volkbein wordt voorgesteld als afkomstig van katholieke Oostenrijkse adel, maar dit tegelijkertijd ook niet is. In feite is Volkbein een joodse handelaar die zich voordoet als katholieke adel. De toon is gezet voor het verdere verloop van de roman; een constant springen is van schijn naar werkelijkheid, naar wie iemand is en hoe die persoon zich voordoet naar de buitenwereld, naar hoe een persoon door de buitenwereld wordt gezien, geïdentificeerd en gecategoriseerd. Dit springen van schijn naar werkelijkheid wordt nog eens extra benadrukt doordat Barnes regelmatig van vertelperspectief wisselt wat de verwarring voor de lezer alleen nog maar groter maakt. Een verwarring die des te beklemmender is, omdat het ook de verwarring is waar personages in “Nachtwoud” mee worstelen. Wie ben ik? Wie is de ander? Wie is normaal en wie is excentriek? Wat is normaal eigenlijk? Kunnen wij onszelf zijn en onszelf kennen?
Barnes geeft weinig tot geen antwoorden op al deze vragen en laat zowel haar personages als de lezers zwerven, zweven en zweten in die grijze schemerzone tussen schijn en werkelijkheid. In barokke zinnen die geïnspireerd zijn door de zwarte Romantiek en het decadentisme van het ‘fin de siècle’ neemt Barnes ons mee door dit schemergebied waarin zij, haar personages en wij lezers meer dan eens (dreigen te) verdwalen. De passages waarin Barnes haar personages laat dwalen door nachtelijk Parijs zonder precies te weten naar wat ze op zoek zijn en nog minder weten wat te doen wanneer ze datgene of diegene die ze zoeken tegen komen, zijn heel sterk. In feite zijn de personages niet op zoek naar iets of iemand anders, maar zijn ze of op zoek naar zichzelf of willen ze verlost worden van zichzelf of alle twee. Ze weten het zelf (nog) niet.
Een van de kenmerken van de modernistische literatuur is de persoonlijke zoektocht van de auteur en roman personages naar een positiebepaling van het individu ten opzichte van het collectief. “Nachtwoud” van Barnes is één van de betere voorbeelden van hoe lastig deze zoektocht is én hoe fraai die onder woorden is te brengen in een roman.