Lezersrecensie
Nederlandse decadentie in een historisch Romeins jasje
23 jan 2022
“De berg van licht” (1906) van Louis Couperus (1863-1923) wordt beschouwd als een van de weinige Nederlandse decadente romans uit het fin de siècle. Terecht, want veel typische kenmerken van het literaire fin de siècle decadentisme komen terug in deze roman. Van het androgyne hoofdpersonage Heliogabalus, via de uitgebreide beschrijvingen van zijn voor die tijd – zowel de periode waarin het verhaal zich afspeelt (eind tweede, begin derde eeuw na Christus) en de periode waarin Couperus de roman publiceerde -, buitenissige en perverse gedragingen van Heliogabalus en zijn gevolg tot aan de neutrale en soms positieve waarderingen van de auteur voor al deze buitenissigheden en perversiteiten, het zijn allemaal kenmerken van de decadente literatuur uit het fin de siècle. “De berg van licht” is niet alleen een decadente fin de siècle roman, het behoort met de androgyne Heliogabalus, zijn ‘huwelijk’ met de wagenmenner Hierocles en de neutrale tot positieve waardering van de verteller/auteur voor homoseksualiteit ook tot de Klassieke Regenboog literatuur.
De roman begint in het Syrische Emessa waar de jongeling Bassianus (vermoedelijke zoon van keizer Caracalla) als priester van de zonnegod Helegabalus furore maakt. Centraal in deze verering van deze zonnegod staat het wegvallen van het onderscheid tussen man en vrouw. Het zijn de erotiserende rituele dansen die de zonnepriester Bassianus opvoert die het publiek opzwepen en in extase brengt, hij wordt geadoreerd en later letterlijk op het schild getild en tot keizer van het Romeinse Rijk uitgeroepen. Couperus’ beschrijvingen van de massascenes in Emessa zijn ontzettend goed, adoratie en blijheid aan de ene kant en tegelijkertijd vertrappeling in de massa met de dood als gevolg. Ook op andere momenten in de roman weet Couperus deze dubbelheid goed te beschrijven en tegen elkaar uit te laten spelen. Het is knap hoe Couperus in de loop van de roman waarin het tij voor Bassianus/Helegabalus langzaam keert ook zijn beschrijvingen van de massa evenementen langzaam laat keren. In het begin veel nadruk op de positieve dingen als blijdschap, uitbundig vieren en toejuichen en later meer nadruk op de doden die vallen en hoe ze vallen tijdens massale bijeenkomsten.
Dat het met Bassianus/Helegabalus uiteindelijk slecht zal aflopen is vanaf het begin in de roman al duidelijk, daar hoef je geen Romeins geschiedenisboek voor op na te slaan. Het zijn niet alleen de dubbelheid man-vrouw, sensuele mystieke Oosten versus het klassieke ingetogen rationelere Westen, maar vooral de spanning tussen esthetiek en ethiek die Couperus vanaf het begin en door heel de roman als fundament gebruikt om zijn verhaal te vertellen. Helegabalus prefereert esthetiek boven ethiek (typisch kenmerk van het decadentisme) en beseft al vanaf het begin dat uiteindelijk de ethiek, het morele en politieke handelen, de esthetiek van het streven naar het schoonste, het zuiverste en puurste zal overwinnen. Het verkiezen van esthetiek boven ethiek is nog een karakteristiek kenmerk van het decadentisme in het fin de siècle.
“De berg van licht” is een degelijke historische roman die zeker niet misstaat op de (internationale) lijst van decadente fin de siècle literatuur die nog steeds goed is te lezen. Het oeuvre van Couperus is ook vandaag de dag nog altijd veel meer dan zijn ‘Haagse romans’ en “De stille kracht”.