Lezersrecensie
Therapeutisch boek van en voor naoorlogse generatie
13 jan 2023
“De avonden” van Gerard Reve uit 1947 is nog altijd de eerste naoorlogse klassieker in de Nederlandstalige literatuur. In het begin zag het er niet naar uit dat het ooit zou (kunnen) uitgroeien tot een klassieker, want ondanks redelijk positieve kritieken verkocht het boek zeker de eerste jaren na publicatie niet echt goed. Naar alle waarschijnlijkheid (nog) te duur voor de doelgroep in die eerste naoorlogse jaren. “De avonden” brak pas echt door met de goedkope heruitgave als Literaire Reuzenpocket bij de Bezige Bij in 1962. Sindsdien is het altijd in druk beschikbaar geweest.
In de roman volgen wij Frits van Egters in tien hoofdstukken. Ieder hoofdstuk behandelt een dag in de periode tussen 22 december 1946 en 31 december 1946. Het dagelijkse leven, zoals Frits dit zelf verteld, stelt niet zo heel veel voor en wordt vooral gekenmerkt door verveling, lethargie, eenzaamheid en in de nachtelijke uren heeft hij vrijwel iedere nacht last van een ‘nare’ droom. Allemaal niet spannend, maar wel prachtig beschreven in al even traag en gort droog Nederlands. Wat voor zinnigs hierover te schrijven in een recensie, wetende dat er al tig recensies en literair-wetenschappelijke essays over dit boek zijn geschreven. Toch maar een poging om met iets van een gedeeltelijk originele interpretatie en daarmee recensie te komen.
Reve begon met het schrijven van wat uiteindelijk “De avonden” zou worden op advies van zijn psychiater. De tien hoofdstukken over evenzovele dagen die vol staan met herhalingen kunnen die geïnterpreteerd worden als tien opeenvolgende sessies bij de psychiater die Reve tot literatuur heeft verwerkt? Dergelijke sessies kennen ook herhalingen, zijn saai, wordt stilgestaan door onderbewuste Freudianen bij dromen en als het goed gaat is er aan het einde van de therapie zoiets als een beter begrip en acceptatie van de situatie. Dit komt allemaal terug in “De avonden”. Het schrijven van “De avonden” als een mengeling van in literaire vorm gegoten therapiesessies en zelftherapie. Het zou zo maar eens kunnen. Zo heeft Frits in het begin van het boek een weerzin voor zijn ouders en hun bekrompen liefdeloze monotone wijze van (samen-)leven. Tegen het einde van het boek heeft hij veel meer respect en waardering (liefde gaat misschien nog wat te ver) voor zijn ouders, wat ze voor elkaar en hem betekenen. Zou de ‘therapie’ hier aan hebben bijgedragen?
In hoeverre het ‘therapeutisch’ schrijven Reve heeft geholpen dat is voer voor speculatie. Dat “De avonden” tot op zekere hoogte een therapeutisch boek is (geweest) voor de generatie die in of kort na de Tweede Wereldoorlog volwassen/meerderjarig is geworden daar is zo goed als geen twijfel over bij de deskundigen die zelf tot die generatie horen. Toch is het dan opmerkelijk dat het boek pas echt goed verkocht werd vanaf begin jaren zestig. “De avonden” is daarmee niet alleen als boek/verhaal, maar ook de receptiegeschiedenis ervan tot op de dag van vandaag een intrigerende roman.