Lezersrecensie
Autobiografische hellegang en wederopstanding
14 jan 2015
Erik Provenier, hoofdpersoon en alter ego van de schrijver, lijdt
aan een obsessieve liefde en daarnaast aan dysthymie, een
gemoedstoornis, oftewel een insluipende depressie die reeds na de
puberteit begint. Hij leeft met constante gedachten aan de dood en
zelfmoord, experimenteert met wisselende medicaties en loopt bij
een psychiater, Kirchner genaamd.<br />
Daarnaast is enige decadentie hem niet vreemd. Zoals hij zelf ook
toegeeft, is dat inherent aan zijn opvoeding. Vaak ook wordt er in
het boek een vergelijking gemaakt met het leven van Dr. Jekyll en
Mr. Hyde, om zijn wisselende stemmingen aan te geven.<br />
Het is een erudiet boek met mooie zinnen, maar naar mijn smaak iets
te lang om continu te kunnen blijven boeien, hetgeen niet wil
zeggen dat ik het boek, ondanks de neerslachtige teneur, niet met
plezier heb gelezen, integendeel. Het mooiste gedeelte is wanneer
onze held wordt opgenomen in een psychiatrische kliniek. Hieronder
een drietal fragmentjes:<br />
“Kirchner stelde mij voor aan de psychiater in opleiding die voor
mij verantwoordelijk zou zijn in de kliniek. Een jonge hond, die
Peeters; er kwamen weinig woorden uit zijn mond. Hij keek mij aan
of ik ongevraagd bij hem kwam solliciteren, terwijl hij geen
vacature te vergeven had.”<br />
“Op een grote sofa verschool ik mij achter mijn boek, maar de
letters spraken niet.”<br />
“Een nieuwe dag in de kliniek! De wereld teruggebracht tot
noodgebouw.”<br />
Na zijn ontslag stalkt hij zijn ex-vriendin, die inmiddels een
ander heeft en volgt uiteindelijk een poging tot zelfmoord die
mislukt. Hierna volgt het inzicht, dat het leven geen diepere
betekenis heeft, “er valt eenvoudig niets te begrijpen aan ons
bestaan” en “dat iedereen van zijn leven een verhaal maakt. Het
einde van elke liefdesverdriet is het pijnlijke inzicht dat het
hele leven is als een straf. “