Lezersrecensie
Klassieker.
8 jan 2024
274 “Ge zoudt in dit boek bladzijden en bladzijden moeten terugslaan, om op te speuren waar de schrijver zelf, boontje, voor de laatste keer aan het woord was… en daar hij zelf een held uit zijn eigen boek is, mogen we hem godomme toch ook niet vergeten: welnu, hier komt dan boontje aan het woord, om ons te vertellen hoe hij een Andere schrijver heeft ontmOEt: […]
275 <i>“Daar zet ge u neer om over ondine te schrijven, hoe ze hoofdschuddend een nieuwe stomme streek der heren aankeek…</i> doch pas zet ge uw pen op twit papier of tippetotje stapt binnen, en het 1ste wat ge aan haar bemerkt is over haar linkerwang een veeg verf: zie niet naar die veeg verf op mijn rechterschoen, zegt zij, want ik kom uit brussel, waar ik gewerkt heb bij het rijk volk, ik heb hun muren en plafonds beschilderd met engelenkoppen, en hun deuren met gouden biesjes… en ik haast mij naar u toe, om u mede te delen dat ge uw voorstelling omtrent de heren wijzigen moet, als ge over hen nog eens schrijft: […]
2 citaten uit deze 452 pagina’s tellende roman uit 1953 geven een beetje weer wat je kunt verwachten qua vorm. Het spelen met spelling en woorden went overigens snel. Het kernverhaal over de anti-heldin Ondineke is cursief gedrukt. Het is een labyrintisch geheel van (hoofd)stukjes. Terwijl het verhaal van Ondineke zich afspeelt in het jaar 1800-en-zoveel spelen de alternerende hoofdstukjes zich in het heden af. Daar komen allerlei figuren voorbij zoals Tippetotje (schilderes), de kantieke schoolmeester en zijn vrouw, meneer Colson (van tministerie) en Johan Janssens (dichter en dagbladschrijver). Die laatste vertelt het verhaal over Reinaert de vos en Isengrinus de wolf, verspreid over het hele boek.
Het verhaal over Ondineke die probeert zich te ontworstelen aan de armoede is best aardig en maakt dat je doorleest. Je zou ook alleen de cursieve gedeeltes kunnen lezen! Het verhaal over Reinaert is minder goed. Dan blijven over al die stukjes waar de hierboven genoemde figuren commentaar leveren op het verhaal van Ondineke. Dat is uitermate geestig. Maar zij bespreken ook tal van andere zaken. En die zaken beklijven niet echt. En zoals in het eerste citaat becommentarieerd de schrijver zelfs de schrijver!
Louis Paul Boon heeft een vervolg geschreven op dit boek, <i>Zomer te Ter-Muren</i>, over hoe het verder gaat met Ondineke. Ook een pil. En op basis van dit boek twijfel ik ernstig of ik dat ga lezen. Voorlopig in ieder geval niet. <i>Verscheurd jeugdportret</i> staat hier nog in de kast, misschien dat ik dat nog eens ga herlezen.